Inhoudsopgave
- 01. In het kort
- 02. Zo heb ik getest
- 03. Waarom cijfers én een display?
- 04. Technische specificaties
- 05. Vet of lelijk: dit vind ik
- 06. Wat dat schermpje eigenlijk toevoegt
- 07. Ontwerp en afwerking
- 08. Draagervaring
- 09. Functies en bediening
- 10. Nauwkeurigheid
- 11. Onderhoud
- 12. Wat me stoort
- 13. Alternatieven Casio AQ-230A-7D
- 14. Voor wie wel en wie niet?
- 15. Mijn conclusie
Wijzers én een digitaal schermpje op één wijzerplaat. Ik heb nooit geweten wat ik daarvan moest vinden.
Aan de ene kant is het een uitvinding uit de tijd dat fabrikanten niet konden kiezen tussen oud en nieuw, en daarom allebei deden. Aan de andere kant zie ik deze kleine zilveren Casio steeds vaker om polsen waar ik hem niet verwacht, en elke keer denk ik: dat ziet er eigenlijk best goed uit.
Dus heb ik er een dag mee rondgelopen, met één vraag. Is analoog met digitaal gruwelijk vet, of gruwelijk lelijk?
In het kort
Wat er goed is
- Acht millimeter dun en 47 gram: je vergeet hem
- De wijzers maken een digitaal horloge draagbaar voor wie digitaal niet uitstaat
- Tweede tijdzone die je daadwerkelijk gebruikt, omdat wijzers en display los van elkaar lopen
- Een ontwerp in balans, en dat is bij deze combinatie zeldzaam
Wat er niet goed is
- Geen verlichting, dus in het donker zie je niets
- Kunststof kast en kunststof glas
- Alleen spatwaterdicht
- Batterij gaat drie jaar mee, niet zeven zoals bij de digitale broertjes
- Bijna dertig millimeter breed is voor veel mannenpolsen aan de kleine kant
Mijn oordeel
Vet. Maar alleen in deze maat, alleen in deze vorm, en alleen omdat hij niet doet alsof hij iets anders is.
Zo heb ik getest
Ik werk altijd hetzelfde. Ik loop een winkel binnen, vertel dat ik een horlogeplatform heb, en vraag of ik het horloge een dag mag dragen. Meestal is dat geen probleem. Na vierentwintig uur maak ik de balans op en breng ik hem terug.
Wat ik niet kan beoordelen: hoe de verchroomde kast er na een jaar uitziet, en hoe nauwkeurig hij over een maand loopt. Casio geeft dertig seconden per maand op, en dat is één seconde per dag. Dat meet je niet in vierentwintig uur.
Ik krijg geen horloges van merken en ik doe geen betaalde plaatsingen.
Waarom cijfers én een display?
Eind jaren zeventig was een digitaal display het teken van de toekomst. Tegelijk vonden veel mensen het onprettig om de tijd als getal af te lezen in plaats van als stand. Je ziet in één oogopslag dat het bijna kwart over is, terwijl je bij 10:13 even moet rekenen.
De combinatie loste dat op. Wijzers voor de snelle blik, een display voor alles wat wijzers niet kunnen: seconden, datum, stopwatch, alarm. In die tijd was dat geen compromis maar het beste van twee werelden.
Inmiddels weten we dat de toekomst analoog én slim werd, en is deze combinatie een tijdsdocument geworden. Casio heeft hem in zijn Vintage-collectie gestopt, en daar hoort hij ook thuis.
Technische specificaties
Dit zijn de gegevens van de AQ-230A-7D volgens Casio zelf.
Bol.com geeft overigens een kast van 28 millimeter op. Volgens Casio is hij 29,8 millimeter breed en 38,8 millimeter hoog. Dat scheelt niet veel, maar bij een horloge dat al aan de kleine kant is, telt elke millimeter.
Vet of lelijk: dit vind ik
Hier draait deze review om, dus laat ik er niet langer omheen draaien.
Lelijk wordt het als de twee displays met elkaar vechten. Dat zie je bij veel analoog-digitale horloges: een grote ronde wijzerplaat met ergens een rechthoekig schermpje erin geperst, alsof iemand er achteraf een rekenmachine in heeft geplakt. Twee ontwerptalen die niets met elkaar te maken hebben.
Vet wordt het als ze samen één vorm maken. En dat doet deze. De wijzers zitten bovenaan, het schermpje eronder, en de kast is precies daarvoor getekend. Rechthoekig, licht gebold, met afgeschuinde hoeken. Het geheel is symmetrisch van boven tot onder. Niets voelt als een toevoeging.
Daar komt de maat bij. Op bijna dertig bij negenendertig millimeter blijft het geheel compact. Hetzelfde ontwerp twee keer zo groot zou druk en nadrukkelijk worden. Klein blijft het een detail.
En dan de wijzers zelf. Voor iemand die een bloedhekel heeft aan digitale horloges, en dat heb ik, maken die twee wijzers het verschil. Ik kijk naar een horloge en ik lees een stand af, geen getal. Het schermpje is er als je het nodig hebt en anders kijk je er overheen.
Dus mijn antwoord is: vet. Maar het is een vet dat afhangt van precies deze uitvoering. Ik ben niet bekeerd tot analoog-digitaal. Ik ben bekeerd tot dit ene horloge.
Wat dat schermpje eigenlijk toevoegt
Hier wordt het interessanter dan ik had verwacht.
Op het eerste gezicht vertellen wijzers en display je twee keer hetzelfde: hoe laat het is. Dat is de reden dat ik dit soort horloges altijd overbodig vond.
Maar de wijzers en het display lopen los van elkaar. Er zit geen kroon op dit horloge, je zet de wijzers met de drukknoppen. Dat betekent dat je de wijzers op de ene tijd kunt zetten en het display op een andere.
Daarmee heb je een tweede tijdzone die je echt gebruikt. Wijzers op Nederlandse tijd, display op New York, en je ziet allebei in één blik. Dat is precies wat een GMT-horloge doet, alleen zonder vierentwintiguurswijzer. Hoe dat bij echte GMT-horloges werkt leg ik uit in mijn beginnersgids over GMT-horloges.
Werk je met mensen in een andere tijdzone, of reis je veel, dan verandert dat dit horloge van een stijlkeuze in een gebruiksvoorwerp.
Ontwerp en afwerking
Ik heb de zilveren uitvoering met witte wijzerplaat gedragen. Die is rustiger dan de gouden AQ-230, en dat bevalt me beter.
De wijzerplaat is wit met dunne zilveren wijzers en simpele indexen. Het display zit eronder in een rechthoekig venster, met de dag en datum op zes uur. Er staat wat tekst op, maar minder dan op een A168. Het geheel oogt opgeruimd.
De kast is van kunststof met een verchroomde laag. Dat zie je niet en dat voel je nauwelijks, want 47 gram is licht maar niet speelgoedachtig. Maar het betekent wel dat die chroomlaag op de hoeken gaat slijten. Bij een horloge dat tegen deurposten en tafelranden aan stoot, is dat een kwestie van tijd. Daaronder zit kunststof, geen staal.
Het glas is ook kunststof. Acryl krast makkelijk, maar je kunt kleine krasjes eruit poetsen met polijstpasta. Het verschil met mineraal- en saffierglas staat bij alles over horlogeglas.
Voor dit geld is de afwerking netjes. De drukknoppen klikken duidelijk, er zit geen speling in de kast, en de chroomlaag is egaal.
Draagervaring
Acht komma één millimeter. Dit is een van de dunste horloges die ik ooit heb gereviewd, en dat voel je. Hij glijdt onder elke manchet door en je merkt pas dat je hem om hebt als je kijkt.
De maat is het punt waar je over moet nadenken. Bijna dertig millimeter breed is klein voor een herenhorloge. Op mijn pols oogde het als een bewuste keuze, een beetje vintage, een beetje understated. Maar heb je brede polsen, dan kan het snel verdwalen. Kijk even bij horlogematen voor je bestelt.
De band is de bekende Casio-schakelband met een sluiting die je zonder gereedschap langs de band schuift. Op lengte brengen gaat in een paar seconden. Hij voelt licht en een beetje rammelig, en tussen de schakels kan armhaar blijven haken. Dat laatste merkte ik minder dan bij de A168, maar het is er wel.
Functies en bediening
De wijzers zetten zonder kroon voelt de eerste keer onwennig. Je gaat via de knoppen naar een instelmodus en laat de wijzers stap voor stap doorlopen. Het werkt, maar het is trager dan aan een kroon draaien. Hoe het bij een gewoon horloge werkt staat bij tijd en datum instellen.
De stopwatch meet tot op een honderdste seconde, tot bijna een uur. Meer dan genoeg.
Het alarm en het uursignaal zijn de klassieke Casio-piepjes. Het uursignaal zou ik direct uitzetten.
De kalender loopt automatisch maar telt februari altijd als achtentwintig dagen. In een schrikkeljaar zet je hem op 1 maart zelf terug.
Wat ontbreekt: verlichting. Waar de A168 een display heeft dat in zijn geheel oplicht, heeft deze niets. Geen lampje, en ik zag ’s avonds ook niets oplichten op de wijzers. In het donker heb je aan dit horloge niets, en dat is voor mij het grootste praktische gemis.
Nauwkeurigheid
Casio geeft plus of min dertig seconden per maand op. In een dag kan ik dat niet controleren.
Dertig seconden per maand is wat ruimer dan bij een goed analoog quartzhorloge, maar nog altijd veel nauwkeuriger dan welke automaat ook. Twee keer per jaar een minuut bijstellen en je bent er.
Hoe quartz werkt staat bij quartz horloges: alles wat je moet weten.
Onderhoud
Eens in de drie jaar een batterij, een SR920W. Dat is korter dan de zeven jaar van de digitale A168, en dat is logisch: hier moet de batterij behalve een display ook twee wijzers aandrijven.
Vervangen kun je zelf. Ik schreef er stukken over: zelf de batterij van je horloge vervangen en je horloge openmaken.
Let op: na een nieuwe batterij moet je de wijzers opnieuw gelijkzetten met het display.
Over water: spatwaterdicht betekent handen wassen en een regenbui. Verder niet. Wat dat precies inhoudt staat bij waterdichtheid bij horloges.
Wat me stoort
Geen verlichting. Bij een horloge met een digitaal display is dat een rare weglating. Casio heeft de techniek op de plank liggen, en zet hem hier niet in.
De kunststof kast die zich voordoet als metaal. Net als bij de A168 vermelden webshops geregeld een stalen kast. Volgens Casio is het kunststof met een chroomlaag. Dat is geen ramp, maar het is wel iets anders dan wat je denkt te kopen.
De maat voor brede polsen. Op een smalle of gemiddelde pols is dertig millimeter een stijlkeuze. Op een brede pols wordt het een kinderhorloge.
En dat ik mijn mening moest bijstellen. Ik begon deze review met het idee dat ik hem lelijk zou vinden. Dat is niet gebeurd. Dat zegt iets over hoe goed dit specifieke ontwerp in elkaar zit.
Alternatieven Casio AQ-230A-7D
| Model | Type | Verlichting | Waarom je die zou kiezen |
|---|---|---|---|
| Casio AQ-230A | Analoog en digitaal, zilver | Geen | Rustigste uitvoering, met een bruikbare tweede tijdzone |
| Casio AQ-230GA | Analoog en digitaal, goud | Geen | Zelfde horloge met meer aanwezigheid |
| Casio A168WG | Digitaal, goud | Hele display | Uitstekende verlichting en zeven jaar batterij, maar geen wijzers |
| Timex Waterbury | Analoog | Indiglo | Een echt horloge met wijzers, wel groter en dikker |
| Tissot Everytime | Analoog | Geen | Even dun, saffierglas en Zwitsers, maar een heel andere prijsklasse |
De gouden AQ-230 staat in mijn lijst met beste horloges onder de 100 euro. Ik vind deze zilveren versie beter. Het goud trekt de aandacht naar het horloge, het zilver laat het ontwerp het werk doen.
De echte vergelijking is met de A168. Die heeft een betere display, verlichting die het hele scherm verlicht en een batterij die meer dan twee keer zo lang meegaat. Wat deze AQ-230 daartegenover zet zijn twee wijzers. Voor iemand die digitaal niet uitstaat, is dat het enige argument dat telt.
Voor wie wel en wie niet?
Koop hem als je een smalle of gemiddelde pols hebt en van compacte, dunne horloges houdt. Als je een digitaal display wilt zonder dat je horloge eruitziet als een rekenmachine. Of als je met mensen in een andere tijdzone werkt en dat in één blik wilt zien.
Koop hem niet als je brede polsen hebt. Ook niet als je de tijd in het donker wilt kunnen aflezen, want dat gaat simpelweg niet. En niet als je een horloge wilt dat lang meegaat zonder dat de chroomlaag gaat slijten.
Mijn conclusie
Ik begon met de vraag of analoog met digitaal gruwelijk vet of gruwelijk lelijk is.
Het antwoord is: allebei, afhankelijk van hoe het wordt uitgevoerd. Meestal is het lelijk, omdat een display ergens in een wijzerplaat wordt gepropt. Bij deze Casio is het vet, omdat wijzers, display en kast samen één vorm zijn. Klein, symmetrisch, en zonder dat iets als toevoeging voelt.
Daar komt bij dat het schermpje meer doet dan ik dacht. Doordat wijzers en display los van elkaar lopen, heb je een tweede tijdzone die je in één blik afleest. Dat maakte van een horloge dat ik overbodig vond, een horloge dat ik bruikbaar vind.
Wat het tegenhoudt zijn de dingen die je bij dit geld kunt verwachten. Een kunststof kast, kunststof glas, alleen spatwaterdicht. En het ontbreken van verlichting, wat bij een horloge met een display gewoon zonde is.
Zou ik hem kopen? Ja, eerlijk gezegd wel. Als tweede horloge, voor de dagen dat ik iets dunnetjes en een beetje ironisch om wil. Ik had niet verwacht dat te schrijven.
