Alle grote merken van de Swatch Group losten hetzelfde probleem op. Hoe krijg je meer gangreserve uit een uurwerk zonder het duurder te maken?
Tissot, Hamilton, Mido en Certina kozen allemaal dezelfde route: de frequentie omlaag van 28.800 naar 21.600 slagen per uur, en tachtig uur gangreserve als beloning. Prima ruil, maar je secondewijzer loopt er merkbaar minder vloeiend door.
Longines koos iets anders. Zij gingen naar 25.200 slagen, halverwege, en namen genoegen met tweeënzeventig uur. Drie dagen in plaats van ruim drie, maar met een secondewijzer die je met het blote oog niet van een snel uurwerk kunt onderscheiden.
Dat is een kleine beslissing met een groot gevolg, en het is precies waarom dit kaliber de moeite waard is om apart te bespreken.
Wat is het L888 uurwerk?
De L888 is Longines’ naam voor de ETA A31.L11, een kaliber dat ETA exclusief voor Longines maakt. Beide merken vallen onder de Swatch Group.
Belangrijk detail: de basis is de ETA 2892-A2, niet de 2824-2. Dat is de dunnere, verfijndere tak van ETA’s assortiment, en dat merk je aan de afmetingen. Met 3,85 millimeter is de L888 bijna een millimeter dunner dan de kalibers uit de 2824-familie, en dat scheelt direct in hoe dik het horloge om je pols wordt.
De L888 verving rond 2015 de oudere L619, en zit inmiddels in vrijwel de hele mechanische collectie van Longines.
Hoe komt het uurwerk aan 72 uur?
Twee ingrepen, waarvan de tweede afwijkt van wat de rest van het concern deed.
Een herontworpen veerhuis. Een langere, efficiëntere veer waar meer energie in past. Dat deel is gelijk aan wat Tissot en Hamilton deden.
Een licht verlaagde frequentie. En hier zit het verschil. De originele 2892-A2 tikt 28.800 halve slagen per uur. De 80-uurskalibers gingen naar 21.600. Longines koos 25.200.
Dat is zeven stapjes van de secondewijzer per seconde, tegenover acht bij een klassiek uurwerk en zes bij een Powermatic 80. Met het blote oog is dat verschil met acht nauwelijks te zien, terwijl het verschil tussen zes en acht wél opvalt.
Je levert er acht uur gangreserve voor in ten opzichte van de 80-uurskalibers. Voor een weekend maakt dat niets uit: drie dagen is drie dagen.
Specificaties
- Basiskaliber: ETA A31.L11, afgeleid van de ETA 2892-A2
- Type: automatisch, handmatig opwindbaar, hackend
- Frequentie: 25.200 halve slagen per uur (3,5 Hz)
- Gangreserve: ongeveer 72 uur
- Steentjes: 21
- Diameter: 25,6 mm (11½ lijn)
- Dikte: 3,85 mm
- Opwinding: kogelgelagerde rotor, beide richtingen
- Exclusiviteit: alleen voor Longines
- Introductie: rond 2015
Let op die 3,85 millimeter. Dat is de dunste van alle kalibers die ik tot nu toe heb besproken, en het is de reden dat Longines slankere horloges kan bouwen dan Tissot of Mido met vergelijkbare specificaties.
L888 varianten
Hier wordt het rommelig, en dat ligt niet aan jou hoor!
| Variant | Haarspiraal | Chronometer | Globale periode |
|---|---|---|---|
| L888 / L888.2 | Klassieke legering | Nee | Vanaf 2015 |
| L888.3 | Nivachron | Nee | Rond 2018 tot 2021 |
| L888.4 / .5 / .6 | Silicium | Ja, COSC | Vanaf ongeveer 2021 |
De rode draad is duidelijk genoeg: de haarspiraal werd steeds beter bestand tegen magnetisme, en de nieuwere varianten kregen een chronometercertificaat.
Wat níet duidelijk is, is welke variant in welk horloge zit. Longines is daar berucht slordig in. Op een persbericht staat soms L888.3, op de productpagina van hetzelfde horloge simpelweg L888, en de gangreserve wordt op de ene plek als 64 uur en op de andere als 72 uur opgegeven. Zelfs specialisten die dit voor hun werk bijhouden lopen erop vast.
Wil je weten wat er in jouw horloge zit? Kijk op het garantiebewijs of het prijskaartje dat erbij zat, want daar staat doorgaans de volledige kalibernaam. Heeft je horloge een doorzichtige bodem, dan staat het nummer vaak gegraveerd op de rotor of een brugje.
Silicium: waarom dat uitmaakt
De haarspiraal is het opgerolde veertje bovenop de balans en het gevoeligste onderdeel van elk mechanisch uurwerk. Klassieke spiralen zijn van staal en reageren op magnetisme. Loop je langs een sterke magneet, dan kan je horloge daarna minuten per dag mis lopen.
Silicium is in dat opzicht de beste oplossing die er is, want het is simpelweg niet magnetisch. Niet minder gevoelig zoals Nivachron, maar volledig ongevoelig. Daarbij is het lichter, slijt het niet en heeft het geen smering nodig.
Dat Longines dit standaard in zijn nieuwere kalibers stopt, is een reëel voordeel ten opzichte van merken die het alleen in hun duurdere lijnen aanbieden.
Hoe het uurwerk zich gedraagt
De secondewijzer oogt vloeiend. Dat is het hele punt van die 25.200 slagen. Naast een klassiek 28.800-uurwerk zie je met het blote oog geen verschil, terwijl een 21.600-uurwerk wel opvalt.
Drie dagen gangreserve. Vrijdagavond afdoen en maandagochtend omdoen werkt prima. Voor de meeste mensen is dat exact genoeg, en de extra acht uur van een 80-uurskaliber verandert daar niets aan.
Hij is dun. Bijna een millimeter dunner dan de 2824-familie, en dat voel je in het horloge eromheen.
Hij hackt en windt met de hand op. Vanzelfsprekend op dit niveau.
De rotor is rustig. Kogelgelagerd en tweerichtingsopwindend, dus je hoort en voelt er weinig van.
L888 tegenover 80-uurskalibers
| Longines L888 | Powermatic 80 / H-10 / Caliber 80 | Klassieke ETA 2824-2 | |
|---|---|---|---|
| Frequentie | 25.200 vph | 21.600 vph | 28.800 vph |
| Gangreserve | 72 uur | 80 uur | 38 uur |
| Dikte | 3,85 mm | 4,6 tot 5,2 mm | 4,6 mm |
| Basis | ETA 2892-A2 | ETA 2824-2 / 2836-2 | Origineel |
Die onderste regel is het onderschatte punt. De 2892-A2 waar de L888 op is gebaseerd, geldt binnen ETA als de betere, verfijndere basis. De 80-uurskalibers komen van het goedkopere werkpaard af.
Sterke punten
- 25.200 slagen, dus een vloeiende secondewijzer zonder de gangreserve op te offeren.
- Met 3,85 mm het dunste kaliber uit deze familie.
- Gebaseerd op de 2892-A2, de verfijndere ETA-basis.
- Nieuwere varianten hebben een siliciumspiraal, wat volledig ongevoelig is voor magnetisme.
- Veel varianten zijn COSC-gecertificeerd.
Zwakke punten
- Longines communiceert bijzonder onduidelijk over welke variant in welk model zit.
- Zelfs de opgegeven gangreserve verschilt per bron, van 64 tot 72 uur.
- Acht uur minder gangreserve dan de 80-uurskalibers, al maakt dat in de praktijk zelden uit.
- Exclusief voor Longines, dus onderdelen lopen uitsluitend via het merk.
- Met 21 steentjes wat minder dan de 25 van de meeste ETA-werkpaarden.
L888 onderhoud
Hier is de L888 minder gunstig dan een klassieke 2824-2. Het kaliber is exclusief voor Longines, dus onderdelen lopen via de servicedienst van het merk en niet via de brede ETA-distributie.
Dat betekent niet dat een zelfstandige horlogemaker er niet aan kan werken, want de architectuur ligt dicht bij de 2892-A2 en die kent iedereen. Maar voor onderdelen ben je afhankelijker dan bij een uurwerk dat overal wordt verkocht.
Voor de siliciumvarianten geldt daarbij dat de haarspiraal niet slijt en geen smering nodig heeft. Dat scheelt op termijn in de kans dat er juist daar iets misgaat.
De gebruikelijke serviceinterval ligt op vijf tot zeven jaar bij dagelijks dragen.
Horloges met een L888
De L888 is exclusief voor Longines, dus je komt hem nergens anders tegen. Binnen het merk zit hij inmiddels wel in vrijwel de hele mechanische collectie, van duikers tot dresswatches.
| Collectie | Type horloge | Bijzonderheid |
|---|---|---|
| HydroConquest | Duikhorloge, 300 meter | Het toegankelijkste model met dit kaliber |
| Spirit | Pilotenhorloge | Volledig COSC-gecertificeerd, met siliciumspiraal |
| Record | Klassieke dresswatch | De eerste Longines-lijn waarvan elk horloge een chronometer is |
| Legend Diver | Duikhorloge met interne lunette | Heruitgave van een model uit de jaren zestig |
| Conquest | Sportief-klassiek | Vernieuwd in 2023 met geïntegreerde band |
De Record is voor deze pagina de interessantste. Dat was de eerste Longines-collectie waarbij elk exemplaar een COSC-certificaat kreeg én een siliciumspiraal, en daarmee liet het merk zien wat er in dit kaliber zit als je het serieus afstelt. Wil je zien wat dat betekent, dan zet je hem naast een HydroConquest uit een oudere serie: hetzelfde basisuurwerk, een compleet ander niveau van afstelling.
Zelf heb ik de HydroConquest gereviewd, en dat blijft het model waarmee de meeste mensen voor het eerst met dit kaliber in aanraking komen.
Vergelijkbare kalibers uit dezelfde fabriek
De L888 komt uit dezelfde fabriek als de kalibers in de Tissot PRX, de Hamilton Khaki en de Mido Ocean Star. Die drie draaien op de Powermatic 80 en zijn naaste familieleden, allemaal met tachtig uur gangreserve maar met een lagere tikfrequentie dan de L888.
Meer over de fabriek erachter lees je op mijn ETA-overzichtspagina. Wil je weten waar Longines staat tussen de andere Zwitserse namen, kijk dan bij de 20 beste Zwitserse horlogemerken. En ben je nieuw in mechanische horloges, begin dan bij automatische horloges.
Mijn oordeel
De L888 is het slimste uurwerk uit de hele Swatch Group-familie, en dat is een uitspraak die ik niet lichtvaardig doe.
Waar de rest van het concern de gangreserve maximaliseerde en de secondewijzer opofferde, koos Longines een tussenweg die in de praktijk beter uitpakt. Drie dagen is voor iedereen genoeg. Het verschil tussen zes en zeven stapjes per seconde is dat niet.
Daar komt bij dat je een dunner uurwerk krijgt, op een verfijndere basis, met steeds vaker een siliciumspiraal en een chronometercertificaat. Dat is objectief meer horloge.
Waar ik kritisch op ben: de communicatie. Als een merk vijf varianten van hetzelfde kaliber verkoopt en zelf niet consequent vermeldt welke waar in zit, dan maakt het de koper het onnodig moeilijk. Dat is geen technisch probleem maar wel een houding.